© Copyright Janny Wigboldus
Het ontstaan van homeopathie
Klassieke Homeopathie
Kruidengeneeskunde of fytologie
Er wordt vaak gesproken over 'klassieke homeopathie'. Klassiek wil zeggen, zoals uit het bovenstaande stukje blijkt, dat er slechts met één werkzame stof gewerkt wordt.
Wordt er gekozen voor een combinatie van meerdere stoffen, spreekt men officieel van complex homeopathie. Dit wordt in de volksmond meestal met homeopathie bedoeld.
In de geneeskunde wordt er veel met kruiden gewerkt. Ook in de reguliere of moderne geneeskunde komt dit veelvuldig voor. Het is wel zo dat in de reguliere geneeskunde, om een constante werkingsgraad en zuiverheid te kunnen garanderen, er vaak met synthetische stoffen gewerkt wordt die afgeleid zijn van een natuurlijk origineel. Binnen de kruidengeneeskunde, ook wel fytologie genoemd wordt er met extracten van bepaalde planten en kruiden gewerkt. Dit in tegensteling tot het gebruik van deze stoffen binnen de homeopathie, waarbij het om zeer sterk verdunde oplossingen gaat.
Een kruidenvrouwe is dus geen homeopaat of andersom. Het kan natuurlijk wel voorkomen dat een persoon zich in beide gebieden heeft bekwaamd.
In de 16e eeuw verklaarde de pionier van de chemische geneeskunde, Paracelsus, dat kleine doses van 'wat de mens ziek maakt, de mens ook geneest' en hiermee liep hij vooruit op de homeopathie, maar het was de Duitse arts en chemicus Samuel Hahnemann (1755-1843) die het een naam gaf en haar principes vastlegde.

Hahnemann werd mede gemotiveerd door de bedroevende staat van de medische hulp in zijn tijd, waarin bijvoorbeeld aderlaten nog een grote plaats innam. Hij noemde deze praktijken minachtend allopathie. In 1789 was hij bezig met het vertalen van het boek "A Treatise on Materia Medica" door William Cullen en besloot een en ander te controleren. Door persoonlijke ervaring met het malariageneesmiddel kina (1790) werd Hahnemann op de gedachte gebracht dat een middel dat bij een gezonde persoon koortsaanvallen veroorzaakt - Hahnemann dacht dat dat bij hem het geval was - kan worden ingezet om een ziekte die koortsaanvallen als symptoom heeft te bestrijden. In 1796 publiceerde Hahnemann zijn bekende similiaregel. Deze zegt dat een ziekte kan worden genezen door een middel voor te schrijven dat dezelfde symptomen veroorzaakt: similia similibus curentur, "het gelijkende wordt door het gelijkende genezen". Hahnemann meende zelfs - ten onrechte - dat hij daarin voortborduurde op de ideeën van Hippocrates.

Na zijn eerste experiment zette Hahnemann familie en vrienden in om de effecten van allerlei bestaande middelen op gezonde proefpersonen in kaart te brengen. Bijzonder aan zijn benadering was, naast een zo uitgebreid mogelijke opsomming van alle symptomen, het uitproberen van steeds één enkel middel in een matige dosis. In de Fragmenta (1805) publiceerde Hahnemann de testresultaten (provings) van 27 van deze middelen. Hahnemann legde zo een geheel onafhankelijke basis voor zijn nieuwe 'geneeswijze', de homeopathie. (bron:Wiki)